Text
Vervlog der Historische Nota Over de Grondobeginselen van Artikel 57 van het Regeeringsreglement
§ i. In het belang der Nederlandsche kolonien schijnt in de grondwet
drieerlei wijziging gewenscht.
Vooreerst (A) zal al datgene moeten worden uitgeworpen, wat misverstand geven kan over de plaats, die de kolonien innemen in het koninkrijk der
Nederlanden.
Ten andere (B) zal van elk grondwettelijk voorschrift met vastheid moeten
blijken, in hoever het geldt ten aanzien van, of op het gebied van, de kolonien.
Ten laatste (C) zullen de enkele artikelen, die opzettelijk van de kolonien
handelen, niet ongevoelig wezen voor eenige verbetering.
W ijzigingen dus alle van formeelen aard. Tot wijziging van de grondwet met
het oog op de kolonien in hervormenden zin — b.v. door ruimte te maken voor
koloniale afgevaardigden in de staten-generaal, of door inschuiving van een kolonialen raad naast den raad van state — schijnt
geen aanleiding te wezen. De grondwet laat den kolonien nagenoeg alle vrijheid
van ontwikkeling en vervorming, en niemand schijnt over dezen toestand ontevreden.
No other version available